Huisarts
Voor een behandeling bij Dijk en Duin heeft u een verwijzing van uw huisarts nodig. Met hem of haar kunt u ook uw problemen bespreken en advies vragen.
Aanmelden bij Dijk en Duin:
Rouw en verliesverwerking
Na de dood van een dierbare
Het rouwproces
Verschillende reacties
Verwarrende gevoelens
Lichamelijke klachten
Elke dag worden veel mensen geconfronteerd met de dood van een dierbare. Zo'n verlies is een van de ingrijpendste en verdrietigste gebeurtenissen in een mensenleven. Van het ene op het andere moment is de naaste definitief weg. Dat afscheid verandert het leven voor altijd, ook wanneer het niet onverwacht kwam.
Nabestaanden, zoals de partner, de ouders of de kinderen, worden vaak niet alleen overweldigd door verdriet, maar ook door gevoelens van verbijstering, ongeloof of woede. Mensen zeggen achteraf wel dat ze het gevoel hadden gek te worden of verdoofd te zijn. Ook voor andere familieleden, vrienden, collega's, klasgenoten en leraren komt het overlijden vaak als een schok.
Het rouwproces
Tijdens het rouwproces verwerkt de nabestaande geleidelijk de pijn van het verlies. Hij of zij neemt afscheid, accepteert langzamerhand de definitieve afwezigheid van de geliefde persoon en probeert zich aan te passen aan de ontstane leegte.
Direct na het overlijden ervaren sommige mensen een gevoel van onwerkelijkheid. De dood van de geliefde lijkt een nare droom, waaruit ze binnenkort wakker worden. Andere mensen voelen vrijwel niets, hun gevoel is als het ware ‘dood'. Weer anderen vinden de dood van de geliefde zo pijnlijk dat ze die eerst ontkennen. De ene mens is totaal ontredderd, de andere reageert juist heel kalm.
Als iemand net dood is moeten er veel praktische zaken geregeld worden, bijvoorbeeld voor de begrafenis of crematie. Daarom gaat die eerste tijd veelal als in een roes voorbij. Het verlies dringt vaak pas in de periode daarna echt door. Dan gaan de nabestaanden beseffen wat het betekent voor hun leven. Dit is de zwaarste en verdrietigste tijd.
Later volgt een periode waarin mensen proberen de verandering te aanvaarden en zich aan te passen. Dit gaat met vallen en opstaan. Ze maken voorzichtig weer plannen voor de toekomst. Ook sociaal en praktisch passen ze zich aan. Ze leggen bijvoorbeeld nieuwe contacten, pakken een hobby of studie op, gaan vrijwilligerswerk doen of zelfs verhuizen. Dagen waarop iemand heel erg met het verlies bezig is, worden afgewisseld met tijden waarin de emoties op een afstand blijven.
Verschillende reacties
Nabestaanden zijn al snel bang dat hun reacties op het overlijden van een dierbare niet normaal zijn. Ze vrezen dat hun verdriet te hevig is of te lang duurt, of dat ze juist te weinig blijk geven van verdriet. Het is belangrijk om te weten dat ieder mens op zijn eigen wijze reageert op de dood van een dierbare. Iedereen rouwt op de manier die hij of zij nodig heeft. De reacties kunnen dus sterk uiteenlopen. De één zal veel behoefte hebben om over de overledene te praten of samen naar foto's of videofilms te kijken. De ander trekt zich juist terug, bekijkt de foto's liefst alleen of verwerkt het verlies door hard werken, klussen of sporten. Mannen zijn vaak geneigd hun verdriet wat weg te stoppen. Ze concentreren zich bijvoorbeeld op hun werk. Vrouwen hebben meestal meer behoefte aan praten.
Sommige nabestaanden houden alles zoveel mogelijk zoals het was: ze laten de spullen van de partner op hun vaste plaats liggen, houden de kamer van het overleden kind intact en blijven de dagelijkse routine volgen. Anderen veranderen juist alles: ze ruimen de spullen van de overledene op, verhuizen of zoeken nieuwe vrienden. Sommige mensen mijden het liefst de plaatsen die aan de overledene doen denken.
Ook de cultuur waarin mensen opgroeien, heeft invloed op de manier waarop ze omgaan met het verlies en hun emoties uiten. De gebruiken en plechtigheden rondom begrafenis en dood variëren van ingetogen en sober afscheid nemen tot luid rouwbeklag en in saamhorigheid eten, dansen en zingen. Het verdriet wordt met de hele gemeenschap gedeeld. Vaak komen verwanten en vrienden ook later nog op gezette tijden bijeen om elkaar te steunen en de overledene te herdenken.
Verwarrende gevoelens
Veel nabestaanden kampen met intense, verwarrende en soms ook tegenstrijdige gevoelens. Niet alleen verdriet, angst, hulpeloosheid en wanhoop, maar ook boosheid, agressie, teleurstelling en schuldgevoelens kunnen voorkomen. Soms voelt een nabestaande zich opgelucht en in zekere zin bevrijd. Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn als de dood een lang en moeilijk ziekbed afsluit of als de zieke zelf naar het einde verlangde. Deze onverwachte gevoelens kunnen voor de achterblijver erg verwarrend zijn omdat ze als ongepast worden ervaren. Het zijn echter normale reacties op een ingrijpende verandering.
Andere veel voorkomende gevoelens en reacties zijn:
- een intens gevoel van alleenzijn (met het verdriet)
- leegte, neerslachtigheid en nergens zin in hebben
- schuldgevoelens: had ik meer moeten doen, zijn of haar dood kunnen voorkomen?
- verhoogde alertheid en rusteloosheid of juist verwardheid en traag denken
- alleen maar aan de overledene kunnen denken
- veel dromen over hem of haar
- als een ‘film' steeds de laatste uren of dagen zien
- menen de overledene weer te zien, te horen of te voelen
- op zoek gaan naar hem of haar
- zich slechter verzorgen en niet goed eten
- minder vertrouwen hebben in zichzelf, de wereld of de toekomst.
Mensen die een geliefde hebben verloren zeggen vaak dat ze hun levenslust kwijt zijn of dat het leven alle zin verloren heeft. Sommigen willen zo graag bij de overledene zijn dat ze aan zelfdoding gaan denken. Alleen de verantwoordelijkheid voor anderen weerhoudt hen ervan om ook voor de dood te kiezen. Deze gedachten kunnen heel beangstigend zijn, maar verdwijnen na verloop van tijd meestal vanzelf.
↑ naar boven
Lichamelijke klachten
Het doormaken van een verlies kost veel energie, zodat mensen in de rouw vaak vermoeid zijn, soms al bij het opstaan. Ze kunnen zich slecht concentreren en zijn vergeetachtig. Velen slapen slecht en hebben weinig eetlust. Andere veelvoorkomende klachten zijn: hoofd-, nek- en rugpijn, hyperventilatie, het extreem koud hebben, hevig transpireren en hartkloppingen.



